Heusden RA247, 29-Aug-1605


bron: Heusden RA247 13, 29-Aug-1605
[f.12v]
Op huyden den naestlesten augusti 1605
heeft Heijman Janssz. als naeste
bloetverwant van Pauwels Hermanssz. tot
Hedichuijsen ende heeft indier qualit[eit]e
rechtel[ijk] voor schout ende schepenen onder geschreven
ontlost ende vernaerdert drie honden hoplants
gelegen tot Hedichuijsen als Lijs Jans gelost ende
vernaerdert heeft Peter Janssz. Coster die den
voorn. honden gecoft hadde van[de] voorn. Pauwels,
ende daer nae bij hem met hop beleijt ende heeft tot
dien eijnde onder schepenen geconsigneert een
halve nieuwe nobel met eenen penn[?ing] van thien st[uivers]
presenterende te suppleren ende bij te leggen
met godtspenn[ingen] ende wijncoop alle 'tgene de
voorn. Lijs Jans. ofte Peter Jansz. bij eede
verclaren sullen meer verschoten ende uuijtgegeven te
hebben dan der geconsigneert is, mitsgaders den arbeijt
van hop te leggen, messten, spaaijen etc. tot
arbitragie van goede mannen ende voorts al te
doen wat men volgende de costume deser stede
in een oprechten los schuldich is te doen.
Sustinerende de voorss. ontlossingen ende

[f.13]
vernaerderinge wel ende terechte gedaen te zijn,
sij partijen hier van bescheijden dach tegens den derden
dach. Ende was onderteeckent G. Wijfflit ende
G. Gijsbertssz. de Momber

[marge: onder Wijfflit geconsigneert]

[JK: merk op dat onderstaande akte waarschijnlijke niet verwijst
 naar de bovenstaande naasting, maar naar een eerdere die eerder
 in dit deel vermeld moet staan. Dat volgt uit de genoemde naam
 van Jan Joosten als eerste losser.
 Mogelijk betreft het de akte van 26-8-1605 op f.9v?]

Compareerde Cornelis Groen, procu[reu]r uuijten naeme van
Huijbert Jansz., woonende tot Andel, ende verclaerde
hem van[de] voorss. los te verbieden, soo vele Joost
Adriaensz. aengaet, sustineren[de] denselven los volgen[de] de
costume wel ende ende terechte gedaen te zijn, accepterende
daerbeneffens den gedefereerden eedt van Jan
Joosten eerste losser, in conformite van de
rechten ende costumen deser stede. Sustiner[en]t
daermede te mogen volstaen ende dat hij ongehouden is
vorderen ende andere onnodige eeden te doen
tot conplacement van[de] voorss. Jan Joosten, de
welcke in allen gevalle geen recht van naestinge
soude connen hebben. Actum voor ons schepenen
der stede van Huesden opten XXIXen augusti 1605.
Ende was onderteeckent: G. Wijfflit ende
G. Gijsbertsz. de Momber.


Transcriptie door/transcribed by: Jos de Kloe.
als u interesse hebt in dit document dan kunt u per email een scan bij mij opvragen/
if you are interested in this document you may request a scan by email.
terug naar mijn homepage, Andel pagina, bronnen pagina, of bronnenlijst RA/NA