Woudrichem RA261, 20-Feb-1674


bron: Woudrichem RA261 2, 20-Feb-1674
[Woudrichem R261, 1674]

[marge: De ged[aagd]en versoucken copie vanden eijsch na? dagh ...]

R?eloff Ernsten ende huijbert
Barents diaconen vande
kercke van iesen indier
quialit[eit]e eij[sse]rs

contra

Huijbert Willemsz. Blommert
wonende tot Andel in huwel[ijk]
gehadt hebbende Digna Willems
ende Handrick Willemssen
Valckus, wonende tot Ghiesen,
getrouwt met Lijntjen Willems
erffgenamen abintestato voor
twee derde parten van Herbert
Willemssen van Weerdthuijsen
haer huijsvrouwen broeder za., 
in zijn leven oudt schepen tot
Ghiesen, ende aldaer overleden,
gedaechdens int voorss. cas.

De eijschers seggen de de waerheijt is zulcx
dat den voorss. Herbert Willemssen van Weerdt-
huijsen opden 18e feb. a[nn]o 1674 ten huijse van
Mathijs Willemssen van Emmichoven desselfs
broeder, wonende onder den dorpe van
Ghiesen voornt. (alwaer den selven mede wonach-
tich was ende lange jaren te voren gewoont hadde)
sieck te bedde leggende. Edoch zijn verstandt
ende sinnen machtich zijnde, gewilt ende begeerdt
heeft dat den armen (denoterende daer mede
den armen vanden dorpe van Ghiesen voornt.
nae zijn doot soude hebben oft genieten de
somme van drie hondert car. guldens. En dat
oock den voors. Herbert Willemssen de voorss.

[p.2]
zijne uijtterste wille ende laetste begeerte
ontrent 2 mael 24 uyren daer naer metter doot
geconfirmeert ende bevesticht heeft.

En off mitsdien de gedaechdens wel behoordt
hadden de voorss. somme van drie hondert
car. gul[den] voor twee derde parten aend[en] eij[sse]rs
op te leggen ende te betalen, met den intrest
vandien.

Soo zijn nochtans de selve (niettegenstaende
verscheijde minnel[ijke] interpellatien daer om[me]
gedaen) van des te doen gebleven in gebreke
in voegen d' eij[sse]rs genootsaeckt zijn in te gaen
den wech van justitie.

Concluderende derhalve omme
de voorss. ende andere redenen
(ist noot) in tijt ende wijlen
nader ten processe te dedu-
ceren dat de gedaechdens
sullen werden gecondemn[eer]t
aen d' eijsschers ten behoeve
van den voorss. armen op
te leggen ende te betalen ijder
een gereght derde part van de
somme van drie hondert gul[den]
met den intrest vandien, den
penningh twintich zedert den
20en feb[ruari] a[nn]o 1674 tot de volle
ende effectuele betalinge toe.
Mitsgaders inde costen van
desen processe.


Transcriptie door/transcribed by: Jos de Kloe.
als u interesse hebt in dit document dan kunt u per email een scan bij mij opvragen/
if you are interested in this document you may request a scan by email.
terug naar mijn homepage, Andel pagina, bronnen pagina, of bronnenlijst RA/NA